N.N.‎

Huwelijk/relatie met:

N.N.‎
Kind:
1.
man‎Antonius Pels,Van Pels‏‎
Overleden ‎14 okt 1637 Wilrijk [1]. Beroep: Pastoor van Wilrijk. Bron bij persoon [2]
Antonius Pels begrafenisakte
Antonius Pels begrafenisakte
Lijst pastoors Sint-Bavokerk deel 1
Lijst pastoors Sint-Bavokerk deel 1
Antonius Pels wapenschild
Antonius Pels wapenschild


Pastoor van Wilrijk van 1611 tot 1637.

Pastoor PELS woonde in een huis op de Bist dat eigendom was van Jan VERBEECK en Maria VAN DEN BOGAERT.

Dronkenschap: Vooreerst waren er enkele pastoors die rustig bleven wanneer ze al die in het glas gekeken hadden en die niettegenstaande hun zwakheid, toch geen ergernis gaven. [...] Ook Matthias Servatii, pastoor van St.-Job (1612-13) en Antoinius Pels, pastoor van Wilrijk (1611-1637) drinken teveel, zonder daarom echt ergenis te geven.

Bron: Het Godsdienstig Leven in de Landdekenij Antwerpen (1610-1650), Belgisch Centrum voor Landelijke Geschiedenis, publ. 52, Leuven 1977, p. 80

Ambras op de Bist anno 1630.

Wij frater Anthonius Pels, presbyter ende canoninck van den ordere van Premonstreyt, ende pastoor tot Wilrijck. Andries De Meyer, borgermeestere. Hans Driessens pachter ende Peter Van Mol vorster respective tot Wilrijck voorschreven. Verclaeren ende attesteren waerachtich ende ons wel kennelijck te sijn. Dat geleden ontrent vier maenden, op eenen sondaeghe. In den voorschreven dorpe sijn ghecomen drije soldaeten van Bergen. Den eenen daervan ghenaempt Hans Stijnen, de welcke ten huyse van den meyere hebben commen ververschen, ende naer dat sij gedroncken hadden, tgene hun van dorpswegen ordinarisen gegeven wordt, hebben aldaer blijven sitten end doen tappen voor hun gelt. Ondertusschen heeft de voorschreven Hans Stijnen differentie ende cracquiel gehadt metten secretaris van den voorschreven dorpe, meester Gillis Smeyers, den welcken den voorschreven Hans Stijnen seer enormelijck iniuieerde, dreychde ende anderssints, grooten moetwil tegens hem aenstelde sonder dat de andere twee soldaten hun t'selve eenichsints moeyden. Ende alzoo den voorschreven meyer den selven moetwil niet en coste verdraegen, heeft ten lesten den voorschreven Hans Stijnen metten halse gegrepen ende sijn pistool gevat, ende soo vuytten huyse geseth. Ende d'ander twee soldaten sijn oick ghevolcht ende soo tsaemen wech gegaen. Sijnde de voorschreven Hans Stijnen, verlaetende de voorschreven sijn twee compagnons, wederom gecomen ten huyse van mij de voorschreven pastoor, als waer hij van de maerte te drincken heeft geheyst ende sij heeft hem gegeven een uperpotteken met bier. Waermede de voorschreven Hans Stijnen is weder gecomen ten huyse van den meyer ende aldaer andermael begonst tegens den secretaris differentie ende geschil te maecken, ende enigen tijt , wel een quartier urs daer geweest sijnde, sijn aen den voorschreven huyse gecomen vier soldaeten van den compagnie van den capiteyn Van den Werve, nu guarnisoen van den Dam, die den meyer siende, die voor sijn deure stont, heeft met luyder stemme geseyt "gasten siet wat gij doet ende en maeckt geen beroerte want daer en is maer eenen soldaet in huys". Dijenvolgende sijn de voorschreven soldaeten ingegaen en siende den voorschreven Hans Stijnen, die met het voorschreven potteken in de handt sat. Heeft den eenen van hun sijn roer op hem gelost ende omverre geschoten. Ende eenen anderen heeft eenen scheut geschoten onder t'volck. Soo dat den meyer, die als vore voor de deure stont, dat hoorende ende het groot geschreeuw van sijn huysvrouwe ende van noch een ander vrouwe, die daer mede was, is in huys ghecomen, vindende alle t'volck in beroerte ende over malcanderen liggend. Ende de ceucken, die seer cleyn is, vol van roock, ende sijn huysvrouwe, met een cleyn kindt daer den meyer grootvaeder aff is, op d'aerde geworpen in den hoeck van de schouwe, omtrent daer de scheuten gegaen waren. Waer van hij seer gealtereert sijnde ende meynende dat sijn vrouwe ware geschoten, heeft eenen van de voorschreven soldaten (die den tweeden scheut geschoten hadde ende besich was met den voornoemden Hans Stijnen vuytte ceucken te trecken) van achter het roer vuytte handt ghenomen, sonder hem, oft ijemanden anders geoffemeert te hebben. Ende bevindende daernaer dat sijn vrouwe niet en was gequetst. Heeft hem het roer datelijck weder gegeven in de selve ceucken. Affirmerende voorts dat ten tijde de voorschreven soldaten van den Dam ten huyse van den meyer quaemen, de voorschreven twee soldaten van Bergen maer als een quartier van te voren waren vertrocken gheweest. Allen dwelck is publicq ende notoir in den voorschreven dorpe van Wilrijck als geschiet sijnde. In presentie ende ter aensien van menichten van menschen. Ende wij weten allen tselve, als present geweest sijnde. So weten ick de voorschreven pastoor omtrent den huyse van den voorschreven meyer ende d'andre drije in de ceucken daer tgene voorschreven staet is geschiet. Ende want het goddelijck is der waerheyt ghetuyghenis te gheven. Soo hebben wij dese onderteeckent, ten versuecke van den meyer voorschreven. In Antwerpen den vierentwintichsten january XVIc eenendertich. (ondertekend) Antonius Pels pastor in Wilrijck, het hant + teeken van Andries De Meyer, Peeter Van Mol, het handt + teeken van Hans Driessens. Mij present zijnde G.Le Rouseau notaris. (bron : schepenakten van Wilrijk, volume 20, zie https://www.familysearch.org/ark:/61903/3:1:3QHK-Q3P8-SFWB?i=56 of https://www.familysearch.org/ark:/61903/3:1:3QHK-Q3P8-SFWB ).

Via Johan Van Looy.


Bronnen

[1] Parochieregister Wilrijk 1637 p. 65b
[2] Scan parochieregister Rijksarchief, foto lijst pastoors JDM

Citaat voor: Gezin Overzicht
"Gezin Overzicht: " HuMo-genealogy - Wilrica Genealogie (https://www.genealogie.wilrica.be/gen/family/1/F13714?main_person=I32346 : toegang 21 April 2026)